GEGEVENSOVERDRACHT

Eenmaal de gegevens van het formulier ingevuld zijn, wordt het formulier verzonden naar de server. Dit gebeurt meestal door klikken op de knop 'Verzenden'. Waar komen de gegevens terecht en hoe gebeurt de gegevensoverdracht?

1) Gebruik maken van de Frontpage Extensies

Door rechtsklikken op het formulier bekomt men:

Kies voor opties.

Deze code wordt daardoor automatisch aangemaakt.

In deze cursus gaan we echter geen gebruik maken van deze mogelijkheid. Niet alle servers ondersteunen de Frontpage extensies en we verliezen de mogelijkheid om de gegevens naar onze wensen aan te passen. Daarom nemen we met ASP de controle zelf in handen.

2) De POST methode

We verwijderen de webbot regel (zie boven) en wijzigen de code als volgt:

Bij action schrijf je de pagina waar de gegevens van het formulieren moeten gepost worden. Dit moet een ASP pagina zijn (of php,...). Enkel deze pagina's kunnen serverscripting aan. (.htm is dus niet toegelaten!) De pagina die het formulier bevat mag wel een htm pagina zijn. Op de ASP pagina worden de veldwaarden door de instructie Request.Form('naamvanhetveld') opgevangen. De waarden schrijven gebeurt met de ASP code Response.Write(). Later zullen we meer ASP zien en de gegevens bewaren in een database. Voorlopig beperken we ons tot de controle van de gegevensoverdracht. Voeg in de body van verwerkingegevens.asp deze code toe:

Merk de typische ASP begin- en eindtags op:  <% en %> . In Frontpage zal ASP code ook een andere kleur krijgen dan HTML code. Bovenstaande code schrijft dus tekst "naam: " en plakt daar de geposte gegevens van het formulier aan. Ook HTML kan geschreven worden als tekst. Hier gebruiken we dit om met "<br>" naar een nieuwe regel te gaan. ASP pagina's moet je uploaden en op de server testen, tenzij je computer zelf als server werd ingesteld met IIS. Wij maken gebruik van de server op onze site. ASP code kan niet gelezen worden door de on-line broncode te bekijken. Je zal dan ook zien dat in de broncode van de verwerkingspagina alles door de server in HTML werd omgezet.

Uitgewerkt Voorbeeldje

3) De GET methode

Met deze methode worden er gegevens naar de server gestuurd via de URL. Een voorbeeldje:

De eigenlijke pagina http://www.google.be/search wordt gevolgd door een "?". Dit vraagteken zorgt voor het begin van de variabelen met hun waarden. Voorbeeld: hl=nl, wat de taal vastlegt en q=e-learning+dirk+bernaert wat de vraag vastlegt. Deze variabelen worden aan elkaar gekoppeld met een &. Hieronder zie je ons formulier met de GET methode:

Uitgewerkt Voorbeeldje

In het formulier:

De gegevens worden in de ASP pagina als volgt verzameld:

Merk het verschil op met de POST methode: request.form wordt request met GET

Aangezien de GET methode alle variabelen toont met hun waarden, kan dit bvb niet gebruikt worden om geheime paswoorden over te brengen. Voordeel van deze methode is dat je zelfs geen formulier nodig hebt! Je kan dus gerust een URL ingeven in je browser en zelf de variabelen toekennen. Als je in je browser bovenstaande URL met alles erop en eraan intikt, bekom je hetzelfde resultaat. Probeer dit met onderstaande link:

http://www.google.be/search?q=lokeren