|
|
||||
|
|
||||
|
|
STATIONSHet eerste niveau van de boomstructuur van de computer bestaat uit stations.
Ze worden gewoonlijk met een letter aangeduid. Bijvoorbeeld; het A-station wordt traditioneel aan het diskettestation toegewezen, de C aan de harde schijf. Door rechtsklikken verkrijgt men deze snelmenu:
Bij een diskettestation kan men ook nog gebruik maken van de
optie om diskettes te kopiëren. Wij kiezen de eigenschappen van het station.
Je ziet de nog beschikbare ruimte en je kan aan schijfopruiming doen.
Je krijgt na een korte analyse de geheugenwinst te zien die de schijfopruiming zal opleveren.
Ook bij de 'eigenschappen' kan men het tabblad Extra selecteren:
Dit levert de mogelijkheid op om het station op fouten te controleren, te defragmenteren of een back-up te maken. Defragmenteren zorgt ervoor dat bestanden die uit verspreide stukken bestaan, terug één geheel vormen. Dit levert winst op aan snelheid en aan geheugen.
Ook back-uppen is mogelijk. Als tijdens de back-up een CD of DVD vol geraakt, wordt er gevraagd om een nieuwe CD of DVD in te steken. Dit is een wezenlijk verschil met het kopiëren van gegevens.
|